Alle artikelen
Wetenschappelijk (Onderzoek)

Een onderzoek naar de gezondheidstoestand van Nederlandse duikinstructeurs

14 april 2021 in Onderzoek , Ouderen, Preventie, Screening

P. Komdeur
Hieronder de abstract vertaling van een recent gepubliceerd onderzoek naar de gezondheid van Nederlandse duikinstructeurs.

We worden allemaal ouder en we willen daarbij in beweging blijven. Een mooie en goede ontwikkeling die gestimuleerd moet blijven. Maar zijn hier ook risico’s aan verbonden? Zijn alle sporten ‘zomaar’ te doen op wat oudere leeftijd? Sporters op leeftijd die overlijden tijdens het beoefenen van hun geliefde hobby geeft vaak aanleiding tot noodzakelijk onderzoek.

Hieronder de abstract vertaling van een recent gepubliceerd onderzoek naar de gezondheid van Nederlandse duikinstructeurs, het volledige artikel kunt u lezen via Pubmed/NCBI.

In dit onderzoek hebben onderzoekers Prashant KomdeurThijs T Wingelaar, Rob A van Hulst met online enquêtes inzicht gekregen in duikervaring en de algemene gezondheid. Dit onderzoek is tot stand gekomen in samenwerking met Sport Medisch Centrum Papendal Arnhem/ Nijmegen, Koninklijke Nederlandse Marine, Den Helder en Afdeling Anesthesiologie, Universitair Medisch Centrum Amsterdam.

Introductie:

De mensen die duiken worden steeds ouder, zo ook de duikinstructeurs. Problemen met de gezondheid en het gebruik van medicijnen zijn gebruikelijk bij het ouder worden. In 2017 kwamen er in één weekend twee duikers te overlijden. Waarschijnlijk door hartvaatziekten. Dit voorval was de aanleiding voor nader onderzoek naar de prevalentie van relevante comorbiditeit onder de Nederlandse duikinstructeurs.

Methode:

Alle duikinstructeurs van de Nederlandse Onderwatersport Bond (NOB) kregen een uitnodiging om een online enquête in te vullen. De vragen waren bedoeld om meer inzicht te krijgen in de duikervaring, doorgemaakte en actuele medische problemen en medicatiegebruik (actueel of in het verleden).

Resultaten:

27% van de duikinstructeurs van de NOB hebben de vragenlijst volledig ingevuld. Dit leverde 497 vragenlijsten op (87% man, gemiddeld 57,3 jaar oud [SD8.5]). De oudere duikinstructeurs waren oververtegenwoordigd in de respondenten (82% van de mannen en 75% van de vrouwen > 50 jaar versus 66% mannen en 51% vrouwen in de totale duikinstructeur populatie). 46% van de respondenten had op het moment van invullen van de vragenlijst geen actuele medische problemen. Hypertensie werd het meest genoemd als actueel probleem, gevolgd door hooikoorts en problemen met het klaren van oren en sinussen. 32% had geen medische voorgeschiedenis. Problemen met klaren (oren/sinussen) werden het meest genoemd in de medische voorgeschiedenis, gevolgd door hypertensie, gewrichtsproblemen/ gewrichtschirurgie en hooikoorts. 59% van de respondenten gebruikte vrij verkrijgbare medicatie, met name pijnstillers en neus/oordruppels. 49% gebruikt medicatie op doktersvoorschrift, met name voor hart- en vaatziekten en longmedicatie. De Body Mass Index (BMI) was > 25 kg·m-2 bij 66% van de mannen en 38% van de vrouwen. Alle instructeurs die een vorm van hart- en vaatziekte hebben, hebben overgewicht.

Conclusie:

19% van de duikinstructeurs die de vragenlijst hebben ingevuld lijdt aan een vorm van cardiovasculaire ziekte met daarbij een te hoge BMI. Bijna 60% gebruikt medicatie. Er wordt door een aantal instructeurs dus gedoken met bepaalde medische aandoeningen of bepaalde medicatie. En dat verhoogt het risico op het ontstaan van medische problemen onder water tijdens noodsituaties met hun studenten.